In deel 3 en 4 maakte je je batterij groter en sterker. Maar een grote batterij heeft weinig zin als hij overal lekt.
Dus draaien we de medaille om. Niet: hoe maak je méér energie? Maar: waar gaat je energie naartoe?
Je verbruik kent twee domeinen, een fysiek en een mentaal. Dit deel gaat over het fysieke.
Wat kost je fysiek energie?
Het fysieke domein is alles wat je lichaam concreet aan energie kost. Vijf dingen, om precies te zijn:
- Fysieke inspanning — de zwaardere dingen: sporten, fietsen, iets zwaars tillen.
- Fysieke taken — de lichte dingen van een dag: tandenpoetsen, koken, strijken.
- Je lichaamsgewicht — elke kilo die je meedraagt, de hele dag.
- Herstel — na inspanning moet je lichaam zich repareren, en dat kost ook energie.
- Ziekte en klachten — van een verkoudheid tot chronische pijn.
De eerste twee horen er gewoon bij. Dat is leven.
Maar twee van deze vijf zijn vaak grote, onnodige lekken die je kunt dichten: je gewicht en je klachten. Daar zit voor de meeste mensen de grootste winst.
Een grote batterij die overal lekt, blijft alsnog leeg.
Je gewicht: het lek dat je de hele dag meedraagt
Elke kilo die je meedraagt, kost energie. De hele dag. Bij elke beweging.
En dat is geen gevoel, het is gemeten. Bij mensen met overgewicht kost elke stap meetbaar meer energie: deels omdat je meer massa moet bewegen, deels omdat je manier van lopen minder efficiënt wordt (Browning, 2006; Peyrot, 2009).
Draag je dertig kilo te veel met je mee, dan is dat alsof je continu een zware rugzak om hebt. Alles wordt zwaarder. Alles kost meer.
Het werkt ook de andere kant op. Val je af, dan daalt de energie die elke stap je kost, simpelweg meetbaar (d'Alleva, 2021).
Een gezond gewicht is daarom geen kwestie van uiterlijk. Het is een van de grootste energielekken die je kunt dichten.
Wil je weten of jouw gewicht een lek is? Twee simpele checks.
1. Je BMI. Dat is de verhouding tussen je lengte en je gewicht. Een gezonde score ligt tussen 18 en 25. Je rekent 'm uit door je gewicht te delen door je lengte in het kwadraat (lengte × lengte). Voorbeeld: 65 kilo bij 1,70 meter wordt 65 / (1,7 × 1,7) = 22,5.
2. Je middelomtrek. De BMI weet niet of je zwaar bent door vet of door spiermassa. Meet daarom ook je middel: rechtop staan, een meetlint rond je middel tussen je onderste rib en je bekken (ongeveer ter hoogte van je navel), niet te strak.
| Middelomtrek | Man | Vrouw |
|---|---|---|
| Geen verhoogd risico | onder 94 cm | onder 80 cm |
| Gevarenzone in beeld | 94-102 cm | 80-88 cm |
| Verhoogd risico | boven 102 cm | boven 88 cm |
Dit gaat niet over een dieet of een strak lijf. Het gaat over hoeveel gewicht je elke dag onnodig meedraagt, en de energie die je daarmee terugwint.
Je klachten: het lek dat op de achtergrond draait
Iedereen weet dat je energie keldert als je ziek bent. Maar ik bedoel niet alleen een griep.
Ook aanhoudende klachten, denk aan chronische rug- of nekpijn, kosten je continu energie. Maar hoe precies?
Pijn is een alarm. Zolang dat alarm afgaat, houdt je lichaam systemen aan om ermee om te gaan: spanning, waakzaamheid, aandacht. Dat draait de hele dag op de achtergrond, als een app die je nooit hebt afgesloten. En het trekt aan je batterij, ook als je er bewust niet bij stilstaat.
De oorzaak is meestal simpel: te weinig en te eenzijdige beweging. Een lichaam dat je niet gebruikt, raakt functies kwijt. Alles wat je niet gebruikt, gaat verloren.
Beweeg gevarieerd, en je dicht een lek waar je vaak niet eens van wist dat het er was. Begin bijvoorbeeld met deze vier zithoudingen die je rug redden en vier oefeningen tegen rugklachten door zitten.
En let op je herstel
Tot slot een lek dat je makkelijk zelf maakt: te weinig herstel.
Na inspanning moet je lichaam repareren, en dat kost energie. Train je te veel en herstel je te weinig, dan blijft je lichaam in de reparatiestand hangen. Dan kost je training je meer dan het oplevert.
Genereren en verbruik verlagen werkt alleen als je ook goed oplaadt. Daar gaat deel 7 over.
Dit is de zichtbare kant van je verbruik. Maar het grootste lek is vaak onzichtbaar, en zit niet in je lijf. In deel 6 kijken we naar je mentale verbruik: hoe je hoofd je batterij leegtrekt.
Weten waar jouw energie weglekt?
Soms zie je je eigen lekken niet. Bij Get Real Performance brengen we je gewicht, je houding en je klachten in kaart, en bouwen we een aanpak die de grootste lekken als eerste dicht. Zodat je het verschil meteen merkt.
Plan een kennismaking →Wat kost je lichaam fysiek aan energie?
Vijf dingen: fysieke inspanning, de lichte dagelijkse taken, je lichaamsgewicht, het herstel na inspanning, en ziekte of klachten. De twee die je vaak onnodig veel kosten zijn overgewicht en onbehandelde klachten.
Waarom kost overgewicht zoveel energie?
Omdat je elke extra kilo de hele dag meedraagt. Elke stap kost dan meetbaar meer, zowel door de extra massa als door een minder efficiënte manier van bewegen. Afvallen verlaagt dat verbruik direct.
Hoe weet ik of mijn gewicht een probleem is?
Combineer twee checks: je BMI (gezond tussen 18 en 25) en je middelomtrek (man onder 94 cm, vrouw onder 80 cm is geen verhoogd risico). Zijn beide te hoog, dan ligt daar een energielek.